Wilde tuinen

Het is een mesverstand te denken dat een wilde tuin een wildernis is. Een wilde tuin moet net zo goed verzorgd worden als elke andere tuin, wil hij niet overstelpt worden door planten die zich hebben aangepast aan het rijkere bouwland in de buurt. Wild wil niet zeggen verwaarloosd.
Er bestaat geen vaste omschrijving van wat een wilde tuin precies is. De liefhebber van een wilde tuin kweekt niet de hoogontwikkelde cultuurplanten die in bijna alle tuinen staan, maar hij plant de natuurlijke, wilde bloemen van het land in gemengde groepjes. Zelfs in een kleine tuin kunnen de verrukkingen van een grasland, het drukke leven in een houtwal. de zachte kleuren van een bosrand of de rijke, zompige schoonheid van een veenmoeras worden nagebootst. Bodembewerking is het geheim van elke goede wilde tuin. De meeste wilde planten leven - en gedijen - in veel schralere grond dan de verwende tuinplantjes. Is de bodem goed, en dat komt er in feite op neer dat er geen mest of kunstmest in zit, dan doet de wilde tuin het goed. Veel van de toegepaste plantensoorten zijn door de mens ingeburgerd - opzettelijk als gewas of sierplant, of per ongeluk tussen landbouwzaad of in geïmporteerde wol. Of ze zijn meegekomen in de vacht of veren van trekkende dieren.


Sommige planten hebben zich een eigen plek in het landschap weten te verwerven en worden thans tot de inheemse, Nederlandse flora gerekend. De meeste van deze planten zijn tegenwoordig makkelijk verkrijgbaar in de vorm van zaad bij zaadhandels en bij een enkele kwekerij zelfs als volgroeide plant.