Het éénarige wollegras (Eriophorurn vaginatum)

Deze soort bloeit van alle waterplanten het eerst; reeds in maart verschijnen de kleine, grijze aren, waaraan men, hoewel ze klein zijn, veel vreugde kan hebben. In de voorzomer, in juni, volgen de vruchten, die aan de voet van vele witte haren zijn voorzien; het geheel lijkt op een plukje wol, vandaar de naam wollegras.
. In moerassen kunnen ze hele weiden wit maken. Wanneer men plaats heeft, moet men deze gewassen in zijn tuin ook bij tamelijk grote hoeveelheden aanplanten. Een tweede soort wollegras is E. latifoliurn, het breedbladige wollegras, dat gemakkelijk van E. vaginatum is te onderscheiden doordat bij de eerstgenoemde de later overhangende aartjes in bundels staan, terwijl de aartjes van E. vaginatum alleenstaan en rechtop blijven. Verder groeit E. vaginatum in zoden en bezit E. latifolium kruipende wortelstokken. Opvallend is verder de rode herfstkleur van de breedste bladeren. Er zijn nog meer Eriophorum-soorten, ze groeien alle in zure veengronden. Wanneer er genoeg water is, kunnen ze ook wel elders groeien.